Columns

Reclamefolder

Tenzij u een abonnee van magazine Perswijn bent, zult u waarschijnlijk het recente supplement van dat blad over Nieuw-Zeeland hebben gemist.
Het is een special over dit prachtige land, inclusief lijstjes met de beste wijnen per gebied. Niks mis mee, zult u denken, daar is zo’n tijdschrift toch voor? Op zich wel. Echter, zowel de beschreven wijndomeinen als beoordeelde wijnen in dit supplement blijken afkomstig te zijn van slechts twee importeurs. Toeval? Nou, neen. De hoofdredacteur, die het supplement in zijn eentje schreef, kreeg een paar maanden geleden een reisje naar Nieuw-Zeeland aangeboden door – u voelt het al – diezelfde twee importeurs. Die betaalden overigens niet alleen zijn reis, hotel en verblijf (zijn kosten) maar ook nog eens alle advertenties (zijn inkomsten). En mijns inziens heeft hij zich daardoor laten compromitteren. Als resultaat heeft hij geen supplement geschreven, maar een reclamefolder. Op zich niet erg, maar dan had hij het ook zo moeten noemen.
De belangrijkste ethische vraag voor de meeste wijnschrijvers zijn de buitenlandse trips. In mijn rol als wijnschrijver spendeer ik zo’n twee maanden per jaar in het buitenland, veelal voor mij betaald. Niet iedereen reist zoveel als ik, maar ik vind het essentieel om wijngaarden te bezoeken en wijnmakers te interviewen voordat ik erover schrijf. Ik zal niet ontkennen dat het tevens een plezier is om te eten en te drinken op de mooiste plekjes van deze aardbol, maar voor mij is dat een privilege behorend bij mijn baan, niet de baan zelf – als u begrijpt wat ik bedoel.
Wie betaalt mijn trips? Zeer zelden accepteer ik een uitnodiging van één producent of één importeur, 99 van de 100 keer word ik uitgenodigd als jurylid of reis ik als gast van de wijnmakers van een heel land, zoals Wines of South Africa, Austrian Wines, en recent nog, de New Zealand Wine Growers. Dat is wat mij betreft het minste van de twee kwaden. Als mijn reis betaald wordt door de hele wijnindustrie van een land, voel ik me tenminste vrij over individuele producenten te zeggen wat ik wil. En dus ook die wijnen op te nemen in mijn column die het in mijn ogen echt verdienen – én die mijn lezers echt verdienen.