Columns

Groots

Diners met magnums vind ik iets voor met vrienden. Diners met magnums zijn altijd groots
Ik heb diverse afwijkende flesgrootten in mijn kelder, zoals magnums (1½ liter), jeroboams (5 liter) en mathusalems (8 liter). Ook ligt er een nebukadnezar (15 liter), het equivalent van twintig gewone flessen. Allemaal impulsaankopen op veilingen (meestal voor het goede doel); aangekocht in jolige buien om ooit mee te pronken. Met een nooit gedronken jeroboam Rocca delle Macíe Chianti Classico 1982 in mijn hand vroeg ik me af wat ik met al die flessen zal gaan doen. Ik kan die nebukadnezar nauwelijks tillen, laat staan opdrinken. Daarbij moet je er maar op vertrouwen dat die gigantische flessen geen kurk hebben. Ik weet niet hoe u dat inschat, maar ik denk niet dat de lokale slijter me gezwind het equivalent van twintig flessen zal teruggeven.
Wijn wordt in diverse eenheden verkocht, van 10 cl tot 15 liters. En ook nog eens in verschillende verpakkingen, van blikjes tot plastic en bag-in-box. Historisch is wijn vooral verhandeld in glazen flessen, houten vaten en aardewerken vazen (amfora’s). In Baillargues (bij Montpellier in Frankrijk) waar ik twee jaar woonde, zat een coöperatie waar de lokale bevolking haar wijn vooral kwam halen in een jerrycan.
In Nederland zijn we wat dat betreft conventioneler. De overweldigende meerderheid van alle wijn in ons land komt van glazen flessen van 75 cl. Waarom 75 cl? Volgens de overlevering is die standaard tot stand gekomen door de hoeveelheid lucht die een glasblazer in zijn longen kon houden (en niet als limiet van menselijke consumptie). Als je er niet mee hoeft te pronken – zoals ik – zijn halfjes en magnums de enige twee afwijkende maten die de moeite van het overwegen waard zijn. Halfjes komen vooral in restaurants van pas (met name vanwege de ridicule marges die restaurants doorgaans op wijn maken). Ook zijn ze prima voor sherry en dessertwijnen – waar een gewone fles vaak net iets te veel van het goede is.
Magnums daarentegen vind ik iets voor met vrienden. In tegenstelling tot nebukadnezars heb je geen kruier nodig om ze mee te nemen, en verlies je niet te veel wijn of waarde mochten ze onverhoopt toch kurk hebben. Ook zijn ze in de kelder geduldiger dan gewone 75 cl flessen. En diners met magnums zijn altijd groots. Behalve de volgende ochtend misschien.